x

x
Posts tonen met het label Pokhara. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Pokhara. Alle posts tonen

maandag 30 mei 2011

Nepal (6de en laatste deel)

Omdat we vroeger dan verwacht terug in Jomsom toekwamen, konden we in de namiddag nog een uitstap maken. De kinderen hielpen mama en papa om zich te beschermen tegen de hoogtezon.


Vervolgens vertrokken we per bus naar Marpha, een naburig dorpje. We namen een overvolle bus, de rit ernaartoe was een helse beproeving. De wegen waren hobbelig, zigzagden en we sjeesden vaak vlak naast de afgrond. Brrrrr.



Het dorp Marpha is de appelhoofdstad van Nepal. Ze zouden er één van de fijnste appelsoorten in de wereld kweken. Deze appels worden gebruikt voor het maken van appelsap, appelcider enz. Marpha wordt bevolkt door heel veel arme, Tibetaanse vluchtelingen die er een centje proberen bij te verdienen door allerlei spulletjes te verkopen. Elk huisje heeft er een winkeltje, restaurantje of drankgelegenheid. De huisjes zijn ook hier gebouwd met in de natuur gevonden stenen, klei en hout.









We haalden net op tijd de laatste bus terug richting Jomsom. Deze was er toevallig een uurtje vroeger dan in principe zou moeten. Niet echt handig, als je 't mij vraagt!

Terug in Jomsom aten we nog wat lekkers in ons 'hotel' Himalayan-Inn en gingen dan vroeg slapen. Het is werkelijk ongelofelijk hoe je hier in de bergen leeft op het ritme van de natuur. Zodra het donker is, gaat iedereen slapen. Zodra het licht wordt, staat iedereen op. Eigenlijk best wel aangenaam!

De volgende ochtend genoten we van een laatste ontbijt met zicht op de Himalaya en namen toen het vliegtuig terug richting Pokhara.





Daar dienden we nog enkele uren te wachten op onze vlucht naar Kathmandu. Pokhara vonden we eigenlijk niet zo'n fijne plek. Het is een stad die volledig gericht is op de toeristen en lijkt naar mijn gevoel daardoor minder authentiek te zijn. We gingen op zoek naar wat 'Old Pokhara' zou moeten zijn, maar echt veel oude gebouwen konden we niet meer vinden. Jammer, maar anderzijds ook wel begrijpelijk dat de inwoners een nieuwere, comfortabele woning verkiezen boven een oude zonder enige nutsvoorzieningen.



Door de vele vertragingen kwamen we redelijk laat in Kathmandu aan. We waren erg moe, gingen nog frietjes eten (njammie) in de frituur om daarna voldaan te gaan slapen.

De volgende dag hadden we afgesproken met Jo (vrouw van de ereconsul) om samen een bezoek te brengen aan Patan. Patan ligt zo'n 5 kilometer ten zuiden van Kathmandu. Het is net als Bhaktapur een prachtig stuk cultuur. Een openluchtmuseum, maar dan wel eentje waar de mensen nog gewoon leven. Echt indrukwekkend! Het staat vol hindoeïstische en boeddhistische tempels, honderden monumenten, houten, stenen en metalen beelden, gesculpteerde huizen enz enz. Het lijkt een eindeloze bron aan geschiedenis die zou teruggaan tot ver voor de geboorte van Christus. Adembenemend om zo veel historiek bij elkaar te zien. Elk gangetje leidt naar een binnenkoertje met een tempel, stupha of ander monument. Ook kan je er allerlei ambachtslui gadeslaan.
















Op onze laatste dag brachten we zeer vroeg in de morgen nog een bezoek aan Swayambunath. Samen met Bodnath (zie Nepal deel 1) is dit het belangrijkste boeddhistische heiligdom van de Kathmandu-vallei. De stoepa is een prachtig bouwwerk, gelegen op een heuvel op zo'n 2 kilometer afstand van het centrum van Kathmandu. Het wordt druk bezocht door vele monniken en pelgrims. Om er te geraken moet je 365 trappen beklimmen, maar dat is meer dan de moeite waard. Het is een erg indrukwekkende, uiterst spirituele, historische plaats. We genoten er van het uitzicht en van de sfeer.











Mooie liedjes duren helaas niet lang. Ook aan dit prachtige lied kwam een einde. We gingen afscheid nemen van Jo. We (papa zijn drie vrouwen) amuseerden ons nog even op de klimmuur van haar bedrijf. Roos bleek echt een natuurtalent te zijn, dat moeten we in de toekomst dus wat meer doen! Sammeke... die zal nog een beetje aan haar spierkes moeten werken.




Einde van onze prach-ti-ge reis die ik meteen opnieuw zou willen doen! Onze volgende trip gaat gelukkig ook richting de koelere bergen... Darjeeling!

zondag 15 mei 2011

Nepal (deel 3)

Vanuit Kathmandu vlogen we naar Pokhara. Daar brachten we de nacht door in The Blue Planet Lodge. Dit is een lodge die gerund wordt door de Belgische Sabine en haar man Ram. Vervolgens vlogen we vanuit Pokhara door naar Jomsom.

Wat een belevenis! Het betrof een piepklein vliegtuigje type Twin Otter dat wellicht een afdankertje was vanuit Australië aangezien er ergens nog 'airtazmania.com.au' op stond en wij met de Nepalese vliegmaatschappij Agni Air vlogen. Niet alleen dat maakte het spannend, ook het feit dat we langs de flanken van de Himalaya vlogen, tussen de bergtoppen door de diepste kloof van de wereld. Aan de ene kant zag je de bergen van de Annapurna I en aan de andere kant de Dhaulagiri met beiden een hoogte van ruim 8000 meter. Er werd door de piloten op het zicht gevlogen en niet op de radar. Af en toe was er turbulentie en omdat het zo'n klein vliegtuigje was, zwenkte het ook bij het minste. Prachtige vergezichten konden we aanschouwen, maar ik was toch wel opgelucht toen we veilig en wel landden in Jomsom, de hoofdstad van het district Mustang en gelegen op een hoogte van 2800 meter in het noorden van Nepal.

Toen we na een ontzettend spectaculaire landing uit het vliegtuig stapten, waren we echt onder de indruk. Ik was zelfs ontroerd door de schoonheid van de bergen.


In Jomsom moesten we de nacht doorbrengen en voldoende rust nemen om aan te passen aan de hoogte en om hoogteziekte te vermijden. We boekten een kamer in hotel 'Om's home', regelden twee dragers voor onze trekking van de komende dagen, namen een lekker ontbijt en maakten vervolgens een wandeling door het dorpje en door de rivierbedding van de Kali Gandaki. Jochen vond er een ammoniet (fossiel) die zou dateren uit het boven Jura tijdperk (tientallen miljoenen jaren geleden).





Het leven in de Himalaya is in niets te vergelijken met het onze. Eerst en vooral krijg je te maken met enorme 'power cuts'. Urenlang, meestal 's avonds, is er geen elektriciteit. Er zit dan niets anders op dan je bed op te zoeken en te slapen. En als de zon opkomt, ontwaakt iedereen. Nog voor zes uur 's ochtends begonnen we aan onze dag.
Alle levensmiddelen en voorwerpen die je er koopt, zijn erg duur. Alles moet er worden ingevlogen, afval moet er opnieuw worden uitgevlogen. En vliegen... kost veel geld. Voor een fles water bijvoorbeeld betaalden we hoog in de bergen 6 keer meer dan in Kathmandu.

De volgende dag namen we samen met onze twee dragers de jeep en stegen verder tot in Muktinath dat op een hoogte ligt van 3710 meter. De rit ernaartoe was adembenemend mooi.







Aangekomen in Muktinath, een voor boeddhisten en hindoes heilige plaats, brachten Jochen en één van onze dragers een bezoek aan de hoger gelegen tempel.



De kinderen en ik wachtten rustig op hen in het dorpje.



We nuttigden nog een middagmaal en probeerden tevergeefs een paardje te regelen voor de kinderen. Omdat het weer in de namiddag erg omslaat en er dan een stevige wind opzet, besloten we de wandeling richting Kagbeni dan maar zonder paardje aan te vatten. De dragers namen de kinderen op hun rug wanneer die te moe waren om te stappen. De prachtige wandeling ging voortdurend bergaf. Onderweg passeerden we onder andere het dorpje Jharkot. We kwamen een Nepalese vrouw tegen die haar baby op de rug droeg en met een tasje in de hand op haar teenslippers onderweg was naar Kagbeni. Ze sloot zich spontaan bij ons aan. Ik kan me inderdaad voorstellen dat het leuker is om zo'n wandeling niet alleen te moeten doen.









Ongeveer 3,5 uur later bereikten we het dorpje Kagbeni.



Meer details hierover volgen in deel 4.